donderdag 6 juni 2013

Amor Fati

Vorige week, maandagmiddag vloog Pootje aan op het balkon. Haar lichaampje, zo teer en compleet als het was, had het gehavende pootje afgestoten. Slechts een stompje restte, naast dat andere nog intacte pootje. Dit aanzien gaf direct antwoord op de vele vragen over het ontstaan van zoveel vogelleed. Duidelijk werd dat het niet ging om een aangeboren lot. Pootje bleek in haar leven aan de dood ontsnapt.

Daar hipte Pootje, zichtbaar onwennig gebruik makend van slechts één steuntje. "Hemel, hoe zal dit aflopen?', vroeg ik me opnieuw bezorgd af. Daarna bleef het stil. Pootje hield het voor gezien. Althans, zo leek het. De dagen verstreken. Had Pootje het onvermijdelijke omarmd? 

Zaterdagochtend. Tijd van ons ontbijt. Ik baalde van Pootjes afwezigheid, omdat ik het haar zo gegund had zo vrij als een vogel betaamt te vliegen. Te doen waarvoor ze geboren was. Terwijl ik op die zaterdagochtend de rauwheid van het aardse bestaan overdacht, observeerde ik een soortgenoot die ongecompliceerd genoot van alle zaadjes op het bord. Zonder na te denken startte ik het gesprek: 'Hé vriend, waar is Pootje?' 'Ga haar eens voor me ophalen'. 'Ik wacht op haar, vertel haar dat maar'.

En niet veel later verscheen Pootje. Hippend op haar ene been, zoekend naar evenwicht. Godzijdank, ze leeft! En Pootje liet het er niet bij zitten. Ze had haar lot omarmd. Zichtbaar. Ze koos voor het leven. Op één poot. De weg was weer gevonden.

Vandaag portretteerde ik Pootje vanuit een diepe bewondering voor de eenzame, donkere afdaling die ze heeft durven maken. Op de bank, 's avonds na een drukke dag, overdacht ik in rust de gevoelens van Etty Hillesum over het lot dat haar trof. Door haar verwoord en vastgelegd in het dagboek 'Het verstoorde leven'. 

"En nu voel ik, hoeveel het is geweest, dat je me te dragen hebt gegeven. Zoveel moois en zoveel degelijks. En het moeilijke is, zodra ik me bereid toonde het te dragen, altijd weer veranderd in iets moois. En het mooie en grote was soms nog zwaarder te dragen dan het lijden, omdat het zo overweldigend was. Dat één klein mensenhart zoveel kan beleven mijn God, zoveel kan lijden en zoveel kan liefhebben, ik ben je er zo dankbaar voor mijn God, dat je míjn hart speciaal hebt uitgekozen, in deze tijd, om alles te mogen ondergaan, wat het ondergaan heeft".

En mijn liefde gaat uit naar Pootje...



Stil beeld, 6 juni 2013









Beeld in beweging, 6 juni 2013
video

video

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen